Posted by on jan 30, 2013 in Archief | 0 comments

30-01-2013 | mr. Yvette de Regt-van Gompel

Met ingang van 1 juli 2012 is de nieuwe Wet normering buitengerechtelijke incassokosten ook wel genaamd Wet Incassokosten of WIK in werking getreden. Maar wat betekent dat eigenlijk voor u? Voorheen konden schuldeisers indien een vordering niet op tijd werd betaald naast de buitengerechtelijke incassokosten ook diverse kosten als bureaukosten, administratie en registratiekosten, bij hun debiteuren in rekening brengen. Om paal en perk te stellen aan het doorbelasten van onredelijk hoge incassokosten is de nieuwe incassowet ingevoerd. Dit om met name de consument te beschermen tegen het doorbelasten van disproportioneel hoge incassokosten. Hierna zal ik kort de nieuwe incassoregelgeving toelichten en de gevolgen daarvan weergeven.

Nieuwe incassostaffel

De nieuwe wet is dwingend voorgeschreven voor consumenten. Schuldeisers mogen niet ten nadele van de schuldenaar/consument afwijken van de wettelijke maxima aan incassokosten. Deze wetswijziging geldt alleen voor vorderingen die op of na 1 juli 2012 opeisbaar zijn geworden. Daaronder vallen dus ook facturen uit juni 2012 waarvan de betalingstermijn vervalt na 1 juli. De incassokosten die bij de consument in rekening kunnen worden gebracht, mogen slechts maximaal een (aflopend) percentage van de vordering bedragen, te weten:

Vordering (hoofdsom) Percentage Opmerkingen
Over de eerste € 2.500,– 15% Met een minimum van € 40,–
Over de volgende € 2.500,– 10%
Over de volgende € 5.000,– 5%
Over de volgende € 190.000,– 1%
Over het meerdere 0,5% Met een maximum van € 6.775,-


14-dagenbrief

Voordat de incassokosten daarentegen daadwerkelijk in rekening gebracht mogen worden, moet eerst aan de schuldenaar/consument een aanmaning, de zogeheten 14-dagenbrief, worden verstuurd. Hierin moet het bedrag van de hoofdsom staan en ook de hoogte van de buitengerechtelijke kosten die volgen als er niet wordt betaald. De schuldenaar heeft dan twee weken de tijd om alsnog de hoofdsom -zonder extra kosten!- te betalen. Gebeurt dat niet dan volgt een sommatie waarbij tevens de incassokosten in rekening gebracht worden.

Voorbeeld:
U heeft aan een consument een factuur gestuurd van € 4.500,–. U stuurt een aanmaning waarin u hem/haar de gelegenheid geeft deze nota binnen 14 dagen zonder extra incassokosten te betalen. In deze brief vermeld u wel reeds de incassokosten welke verschuldigd zijn bij niet-tijdige betaling, te weten een bedrag ad € 575,– (15% over € 2.500,– + 10% over € 2.000,– = € 375,– + € 200,– = € 575,–). Indien niet binnen 14 dagen wordt betaald mogen alsdan ook naast het openstaande factuurbedrag de incassokosten ad € 575,– daadwerkelijk in rekening worden gebracht.

Meerdere vorderingen

Indien een schuldeiser meerdere openstaande opeisbare vorderingen heeft, dan mogen voor berekening van de buitengerechtelijke incassokosten de hoofdsommen bij elkaar worden opgeteld.

BTW

Als de schuldeiser niet BTW-plichtig is (o.a. verhuurders, verzekeringsmaatschappijen, medische beroepen), dan dient de schuldenaar de BTW te betalen over de incassokosten. Dit dient wel te worden vermeld in de 14-dagenbrief.

Bedrijven

De nieuwe wet geldt zoals gezegd expliciet voor consumenten. Bedrijven die onderling zaken doen (B-2-B), mogen samen afwijkende afspraken (in algemene voorwaarden) maken en voor hen geldt de verplichting om een aanmaning met een betalingstermijn van 14 dagen te versturen niet. Wel geldt de wettelijke norm dat de gevorderde incassokosten redelijk moeten zijn en in redelijkheid moeten zijn gemaakt (de zogenaamde dubbele redelijkheidtoets). In een gerechtelijke procedure kan de rechter de hoogte van de incassokosten matigen. Maken ze geen afspraken over de incassokosten, dan gelden ook voor bedrijven dezelfde regels en tarieven als voor consumenten.

Duurovereenkomsten

Voor duurovereenkomsten (bijvoorbeeld huurtermijnen) of bij een schuld die uit meerdere vorderingen bestaat, kan de schuldeiser per vervallen termijn of vordering incassokosten in rekening brengen. De hoofdsommen van de vorderingen hoeven in dat geval niet bij elkaar opgeteld te worden. Wel geldt als voorwaarde dat de schuldeiser alsdan per termijn of vordering aanmaningshandelingen verricht.

Betalingstermijnen

Bij het afsluiten van een overeenkomst geldt vaak een betalingstermijn. Naar verwachting per medio maart 2013 geldt rechtens dat bij overeenkomsten tussen bedrijven als niets anders is afgesproken (bijvoorbeeld in algemene voorwaarden) en tussen bedrijven en overheden een betalingstermijn van een factuur maximaal 30 dagen is. Partijen mogen in een overeenkomst tussen bedrijven een langere termijn afspreken, maar in principe niet langer dan 60 dagen.

Wettelijke rente

Als de schuldenaar een betalingstermijn overschrijdt, mag de leverancier rente berekenen over het nog te betalen bedrag, ook als partijen daarover niets hebben afgesproken. Als geen betalingstermijn is overeengekomen, geldt een termijn van 30 dagen voordat rente in rekening mag worden gebracht. Per 1 januari 2013 bedraagt de wettelijke rente (voor niet-handelstransacties) 3% op jaarbasis (was 4%). De wettelijke handelsrente is 7,75% (was 8%).

Tot slot

Gelet op de veranderde incassoregelgeving, is het niet alleen verstandig om na te gaan of uw incassobeleid geschied overeenkomstig de nieuwe wet maar ook of uw algemene voorwaarden met betrekking tot het vorderen van buitengerechtelijke kosten kloppen. Onderscheid moet namelijk gemaakt worden tussen een consument en een bedrijf. Indien de voorwaarden een te hoog incassotarief en extra bijkomende kosten vermelden ten opzichte van een consument als debiteur dan betekent dit dat deze bepaling vernietigbaar is. Echter bij overeenkomsten tussen bedrijven is een hoger incassotarief wel raadzaam. Dit om bedrijven een extra prikkel te geven om op tijd te betalen alsmede om te voorkomen dat bij bedrijven extra aanmaningshandelingen dienen te worden verricht.